Tekst Steven Beek
Foto Loes van der Meer

Welke straf zou jij eisen, als je officier van justitie was? Omdat er op straat niemand te vinden is, komt Opportuun bij de mensen aan de deur - op gepaste afstand uiteraard.

Tijdens een concert in Amsterdam houdt de politie een Roemeense verdachte aan. In een fietsbroekje dat hij onder zijn kleding draagt worden 26 smartphones gevonden. De telefoons blijken gestolen te zijn van muziekliefhebbers in de zaal. Er is geen direct bewijs dat hij zelf telefoons bij mensen uit de zak heeft gehaald, toch beschuldigt het Openbaar Ministerie de man van diefstal in vereniging. Mobiel banditisme is een groot probleem: bendes richten in korte tijd veel schade aan om vervolgens het land snel te verlaten. Daarom wil het OM in deze zaak stevig optreden.

De feiten:

  • De verdachte heeft een groot aantal gestolen telefoons bij zich. Met zijn mededaders heeft hij dus veel slachtoffers gemaakt;
  • De man is geen gelegenheidsdief, maar werkt samen met anderen;
  • De verdachte doet zich tijdens verhoor naïef voor, maar uit internationaal onderzoek blijkt hij in meerdere landen veroordeeld te zijn voor vergelijkbare delicten.

Wat eis jij?

Anouk is 28 en woont in Westland.

Anouk Spruijt:

12 maanden gevangenisstraf

 “Jammer dat er geen bewijs is dat hij zelf smartphones heeft gestolen. Hij draagt de telefoons alleen bij zich, maar dat is eigenlijk net zo fout. Daarom zou ik een gevangenisstraf eisen. Ik geloof niet dat een taakstraf goed zou werken; hij is geen Nederlands staatsburger en uit de eerdere veroordelingen in andere landen blijkt dat hij hardleers is.”

“Ik zou kiezen voor een gevangenisstraf van een jaar, onvoorwaardelijk. De diefstal is uitgebreid voorbereid en dat verdient een zwaardere straf dan een wanneer hij iets had gestolen in een opwelling. Fietsbroekje aan, overleg met de mededaders, naar het concert reizen: dat zijn allemaal momenten waarop hij zich had kunnen bedenken dat dit geen goed idee was. Ook tijdens het concert heeft hij 26 keer een telefoon bij zich gestoken. Daarmee heeft hij keer op keer de keuze gemaakt onschuldige burgers te duperen.”

Jip Korteknie is 49 en woont in Den Haag.

Jip Korteknie:

6 maanden gevangenis én een boete

“Ik ga veel naar concerten en festivals, ik ben daar zelf gelukkig nooit bestolen. Ik ben altijd erg alert op zakkenrollers. Een gevangenisstraf lijkt me hier op zijn plaats, de diefstal is te ernstig voor een boete of een taakstraf. Maar hoe lang moet die celstraf zijn? Heeft 10 maanden een sterker afschrikwekkend effect dan 8 maanden bijvoorbeeld? Dat vind ik moeilijk.”

“Ik denk bij een gevangenisstraf aan de kosten voor de staat. Een gevangene is erg duur. Omdat het ons veel geld kost, zou ik niet meer dan een halfjaar eisen. Maar in aanvulling daarop wil ik genoegdoening in de vorm van een boete. De hoogte van de boete is afhankelijk van de mogelijkheden om het geld bij hem te innen, als hij weer vrij is of terug in Roemenië. Maar de boete moet in ieder geval net wat meer zijn dan hij kan betalen. Hij moet het wel voelen natuurlijk. Zou hij eigenlijk een kaartje voor het concert hebben gekocht?”

De officier van justitie legt uit

Jeroen Geurts is officier van justitie op het parket Amsterdam. De zaak van de Roemeen met het fietsbroekje was op 29 januari onderdeel van zijn snelrechtzitting.

Wat heb je de verdachte ten laste gelegd?

“Omdat ik van mening was dat hij in nauwe samenwerking met handlangers heeft gestolen heb ik hem diefstal in vereniging ten laste gelegd. Daarnaast heb ik hem ook heling ten laste gelegd; als de rechter diefstal niet bewezen zou achten, was heling plan B. Dat heet het subsidiair ten laste gelegde.”

Wat heb je geëist?

“Ik heb een jaar onvoorwaardelijke celstraf geëist, Anouk had precies dezelfde eis. De landelijk portefeuillehouder mobiel banditisme van het OM heeft mij geholpen aan jurisprudentie voor het bepalen van de strafmaat. We zien het helaas vaker in het uitgaansleven en op festivals, het OM wil aan zowel feestvierders als criminelen duidelijk maken dat dit serieus wordt genomen. Omdat het een snelrechtzitting bij de politierechter was, kon ik niet meer eisen dan 12 maanden. Minder dan een jaar had geen recht gedaan aan de ernst van het feit.

Bij het bepalen van de strafeis speelde het grote aantal telefoons een rol, maar ook het feit dat er van particulieren gestolen was. Wie bij een grote winkelketen een shirtje steelt, zit natuurlijk net zo goed fout en moet gestraft worden. Toch maakt het verschil of een burger slachtoffer is, of een groot bedrijf. Mensen worden benadeeld tijdens het concert waar ze al zo lang naar uitkeken, hun hele avond is verpest. Uit dit delict spreekt een totaal gebrek van respect naar andere mensen, het is enorm asociaal gedrag.”

Speelden er verzachtende omstandigheden bij de verdachte?

“Op zitting was de verdachte nonchalant. Hij deed zich dommer voor dan hij was en zei dat hij nooit eerder met justitie in aanraking was geweest. Gelukkig werkte ik in deze zaak samen met het team Mobiel Banditisme van de Landelijke Eenheid van de politie. Zij hebben internationale systemen geraadpleegd en vonden de criminele sporen die de verdachte door de jaren heen in Europa had achtergelaten. Van diefstal in Denemarken, Spanje en het Verenigd Koninkrijk tot zware geweldsdelicten in zijn thuisland Roemenië. Voor de rechter kon ik met deze meneer een rondje Europa maken. Toen was het naïeve er snel af; dit was geen groentje, maar een doorgewinterde beroepscrimineel. Verzachtende omstandigheden waren in deze zaak dan ook moeilijk te vinden.”

De uitspraak

De rechter achtte diefstal in vereniging niet bewezen, maar veroordeelde de man wel voor het subsidiaire feit: heling. Daarbij voegde de rechter wel toe dat dit een vorm van heling is die zo dicht op diefstal staat, dat het voor de strafmaat weinig uitmaakt. De rechter veroordeelde de man tot 8 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Geurts: “Wat minder dan mijn eis, maar ik was tevreden. De rechtbank was het met mij eens dat het hier om een ernstige zaak ging. De rechter heeft bovendien de gevangenhouding van de verdachte uitgesproken. In praktijk betekent dat, dat de veroordeelde direct zijn straf moet uitzitten. Die gevangenhouding had ik geëist om te voorkomen dat de veroordeelde uit het zicht van justitie verdwijnt.”