Tekst Jochem Davidse
Foto Loes Spruijt-van der Meer

Maarten Noordzij (AP Oost-Nederland) over de huiveringwekkende zaak Patinir

In een rijtjeshuis in het Gelderse Kerkdriel, een dorp van nauwelijks 8000 zielen, werd een 45-jarige vrouw een jaar lang uitgebuit als huisslavin. Wie zich in de zaak verdiept, voelt al snel de rillingen over de rug lopen. Het extreme geweld en het pure sadisme maken het tot een zaak van de buitencategorie, maar in de kern is hij niet uitzonderlijk, waarschuwt officier van justitie Maarten Noordzij. “Deze vorm van mensenhandel komt in ons land veel vaker voor dan iedereen denkt.”

‘Op 5 oktober 2020 wordt Ellen* ‘op sterven na dood’ met een brancard uit de woning van verdachten in Kerkdriel getild. Ze is een schim van de vrouw die ze enkele jaren daarvoor was. Een vrouw, die volgens de verklaringen van vrienden en familie, haar zaken goed op de rails had. Een hoogopgeleide vrouw met een intensief sociaal leven. Goede baan, koopwoning in Amsterdam. Lid van een muziekband. Daar is op 5 oktober 2020 niets meer van over. Ze is volledig geïsoleerd van de buitenwereld. Haar lichaam is op. Ze zit fysiek, mentaal, maar ook financieel helemaal aan de grond. Ze belandt op de intensive care en het kost enkele weken voordat de artsen haar er medisch weer bovenop hebben gekregen. Het is een wonder dat Ellen het nog na kan vertellen. Deze zaak had ook kunnen starten met het aantreffen van een lichaam in de woning.

Ellen had niet veel langer daar in huis moeten zijn. Volgens de verdachten zou Ellen van de trap zijn gevallen, maar de huisarts, ambulancebroeders en ziekenhuisartsen geloven daar niet in: het letsel past niet bij iemand die van de trap is gevallen. Opmerkelijk detail: een deel van het letsel betreft serieuze doorligwonden. Dat doet de vraag rijzen hoe lang Ellen daar gewond in de woning heeft gelegen voordat de hulpdiensten werden ingeschakeld. En wat hebben de verdachten nog meer te verbergen?’

'Het is afschuwelijk en ongehoord wat het slachtoffer is overkomen'

Met die woorden begint officier van justitie Maarten Noordzij van het arrondissementsparket Oost-Nederland op 25 februari van dit jaar zijn requisitoir in de mensenhandelzaak Patinir, een zaak die het nieuws haalt als die van ‘de Kerkdrielse huisslavin’. Slachtoffer is de 45-jarige Ellen die door de verdachten, de 46-jarige Anouk en haar 81-jarige moeder, ruim een jaar lang als huisslavin is uitgebuit en stelselmatig mishandeld. Na haar opname in het ziekenhuis ligt ze zestien dagen op de intensive care. Wanneer zij enigszins hersteld is en door de politie wordt gehoord, vertelt zij een huiveringwekkend verhaal waarvan politiefunctionarissen volgens officier Noordzij ‘steil achterover slaan’ maar dat, zo blijkt later uit een overvloed aan bewijs, veel meer waarheid bevat dan men in eerste instantie voor mogelijk acht.

Ellen en Anouk kennen elkaar al jaren. In het verleden waren zij collega’s van elkaar, sindsdien zijn zij goed bevriend. Wanneer Ellen in de loop van 2017 aangeeft dat ze psychisch in de knoop zit en professionele hulp zoekt, brengt Anouk haar in contact met de zogenaamde 010-groep, een Rotterdamse club van psychologen, psychiaters, therapeuten en andere professionals met wie zij goede contacten en ervaringen zegt te hebben. Zij kunnen haar helpen.

Per email wordt daarna het eerste contact gelegd en in de zomer van 2018 wordt begonnen met de eerste ‘therapiesessies’. Hoewel het uiterst persoonlijke ontboezemingen betreft, gaat ook dat uitsluitend per mail. Ellen krijgt de opdracht om zeer uitgebreide verslagen te schrijven waarin zij moet reflecteren op haar eigen persoon en gedrag. De toon die de hulpverleners van de 010-groep daarbij aanslaan is aanvankelijk nog vriendelijk en betrokken, maar wordt al snel dwingender en ronduit dreigend. Zeker wanneer Ellen aangeeft een vastgestelde deadline niet te zullen halen.

Het idee achter de schrijfopdrachten is volgens de leden van de 010-groep dat Ellen ‘zichzelf helemaal moet afbreken, om daarna weer te kunnen worden opgebouwd als een betere versie van zichzelf’. Met datzelfde doel krijgt zij enige tijd later de opdracht om al haar sociale contacten te verbreken, waaronder die met haar ouders en haar broer, wat Ellen uiteindelijk ook doet. Ook stopt ze abrupt met haar vrijwilligerswerk als taalmaatje en met de bigband waar zij al jaren met veel plezier lid van is.

Lijfstraffen en geldboetes

In werkelijkheid zijn de psychiaters, psychologen en therapeuten van de 010-groep één en dezelfde persoon: Anouk. “Door even gewetenloos als geraffineerd een web van leugens te spinnen slaagt zij er na verloop van tijd in om haar kwetsbare vriendin Ellen volledig in haar macht te krijgen”, aldus Noordzij. In oktober 2019 resulteert dat erin dat Ellen zelfs haar huis verkoopt en haar intrek neemt in de huurwoning van Anouk en haar bejaarde moeder in het Gelderse dorp Kerkdriel, even ten noorden van Den Bosch aan de overkant van de Maas. Zogenaamd voor haar eigen bestwil. Anouk maakt Ellen wijs dat de woning vol camera’s hangt, zodat de leden van de 010-groep haar gedrag 24 uur per dag kunnen analyseren en bijsturen. Via een oortje zouden zij bovendien in contact staan met Anouk, die hun opdrachten rechtstreeks aan Ellen doorgeeft. Vanaf dat moment gaat het van kwaad tot erger. In zijn requisitoir schrijft officier Noordzij:

‘Lijfstraffen, geldboetes, vrijheidsbeperkingen. Ellen is als een huisslaaf in de woning gehouden. We hebben het vandaag over een buitengewoon schrijnende zaak waarbij Ellen langdurig van haar persoonlijke vrijheid beroofd is geweest. Een periode waarin de verdachten haar gaan en staan volledig bepaalden. Wanneer zij mocht eten. Wanneer zij mocht slapen. Zij moest opdraaien voor huishoudelijke klussen. Ze kreeg lijfstraffen. Ze moest boetes betalen. Ze had geen enkele zeggenschap meer over haar eigen inkomsten. Verdachten bepaalden waar dat aan op ging. En ze hebben zich behoorlijk verrijkt van het geld van Ellen. Zij is berooid achtergebleven. Ze heeft haar woning verkocht en de overwaarde van het huis en al haar spaargeld is opgegaan aan de verbouwingen van verdachten, aan een nieuwe auto voor Anouk, aan vakanties, aan nieuw meubilair. Verdachten die jarenlang geen cent te makken hadden, konden zich opeens van alles veroorloven.’

‘Het rolluik moet nog naar beneden’

In het vonnis zoals dat op 19 april 2022 is gepubliceerd op rechtspraak.nl zijn ook enkele transcripties (of fragmenten daarvan) opgenomen van geluidsopnames die het slachtoffer heimelijk maakte terwijl zij werd mishandeld. Ook zonder geluid gaat dat door merg en been.

Verdachte: Mama! Het rolluik moet nog naar beneden.

Onbekende: Ja. 178** (…)

Verdachte: Waag het [slachtoffer] , echt. Want ik ben echt in staat om je kapot te slaan. (…)

Verdachte: Je staat niet eens… Je gaat gewoon zitten te slapen… Geef me die stok, dan kunnen we dat gehad hebben. Trui uit. (onverstaanbaar)

(Slachtoffer huilt zachtjes)

Verdachte: Komt u maar.

(Er is een tik met iets te horen. Slachtoffer huilt, gilt bij de klap, het lijkt alsof ze ergens in huilt/ schreeuwt. Er zijn in totaal 10 klappen met iets te horen. Elke keer hoor je [slachtoffer] huilen, schreeuwen.)

Verdachte: 179 (…)

(Slachtoffer huilt en gilt het uit. Ze smoort de gil.)

Slachtoffer: Het spijt me zo.

Verdachte: De enige reden waarom ik nu ophoud, is omdat de buurvrouw er nog is. Maar zo meteen ga ik verder. 180. Je hebt er nog 150 tegoed.

Verdachte: [slachtoffer] , ik waarschuw je.

(Slachtoffer huilt, snikt)

Verdachte: Iedere keer als je het doet, 100 keer extra. Dan weet je het alvast.

(Slachtoffer huilt, snikt)

Slachtoffer: Kan ik niet alvast beginnen met opruimen of zo?

Verdachte: Nee!

Slachtoffer: Waarom moet ik dan stilzitten? En wakker blijven dan?

Verdachte: Omdat het tijd wordt dat je eens een keer praat. 181 (…)

Slachtoffer: (Huilt) Het drong niet tot mij door.

Verdachte: Het komt vanzelf.

(Slachtoffer huilt)

Verdachte: Want ik heb er geen enkele moeite mee om je invalide te slaan. 182…

** De genoemde aantallen zijn het aantal slagen met een stok of ander slagwapen.

Signalen

“Slavernij klinkt als een verschijnsel uit lang vervlogen tijden, maar dat is het helaas niet,” zegt Noordzij, die als officier van justitie gespecialiseerd is in mensenhandelzaken. Alleen al in de afgelopen vier jaar deed hij drie keer eerder een zaak waarbij sprake was van huisslavernij. “Dit gebeurt in ons land vele malen vaker dan iedereen denkt,” vervolgt hij. “Daar zit hem voor mij ook de actualiteitswaarde van deze zaak. Hoeveel au pairs en huishoudelijke hulpen werken er in ons land, afkomstig uit kansarme landen, zoals Venezuela, Brazilië of van de Filipijnen? In die situaties is vrijwel altijd sprake van ongelijkwaardigheid en afhankelijkheid, en dat is dé voedingsbodem voor uitbuiting. Zeker binnen de beslotenheid van de huiselijke kring kunnen mensen met slechte bedoelingen ver gaan. In deze zaak was het geweld extreem, maar in de kern is hij niet uitzonderlijk. Het uitbuiten van mensen in een kwetsbare positie gebeurt vaker dan we denken. In doorsnee woonwijken, achter doorsnee voordeuren. Daar ben ik van overtuigd. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het eigenlijk heel triest is dat dit soort zaken zelden aan het licht komen en we zo weinig van dit soort mensenhandelzaken voor de rechter kunnen brengen.”

De oorzaak daarvan ligt volgens Noordzij voor een belangrijk deel in het betreurenswaardige feit dat de signalen van mensenhandel vaak niet of onvoldoende worden herkend door politie en justitie. Daarom wil hij graag van de gelegenheid gebruik maken zijn collega-officier Ludy Guest en parketsecretarissen Carleen van Barneveld en Caroline Schras te complimenteren. In eerste instantie leidden zij het onderzoek in de zaak van de Kerkdrielse huisslavin. Zij waren het die al in een vroeg stadium, samen met de districtsrecherche, die signalen wél herkenden en daar ook naar handelden door gelijk iemand van het specialistische politieteam AVIM (Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel) aan het onderzoeksteam toe te voegen. “Zij hebben de zaak fantastisch goed op de rails gezet,” aldus Noordzij. Daarnaast werd op hun verzoek vanaf het prille begin ook recherche-psycholoog Anna-Lucia Calis bij de zaak betrokken om een gedegen analyse te maken van de persoonlijkheid van het slachtoffer en de verdachten om hen goed te kunnen horen, en van de verhoudingen en het samenspel tussen hen. Daaruit bleek onder andere dat van een ‘gretige onderwerping van het slachtoffer’ zoals de verdediging later op zitting betoogt, zeker geen sprake was. Bij mensenhandel gaat het bovendien om het oogmerk van de verdachte. Was de verdachte erop uit om zich op enige manier te verrijken ten koste van het slachtoffer? Dat staat volgens Noordzij in deze zaak als een paal boven water. Of het slachtoffer instemde met de uitbuiting - wat volgens Noordzij niet aan de orde kán zijn omdat dwangmiddelen zijn toegepast - is dan niet meer relevant.

Modelwoning voor zwaarlijvigen

Maanden later, wanneer de zaak definitief het label mensenhandel heeft gekregen, wordt de zaak binnen het OM overgedragen aan officier Noordzij en parketsecretaris Manon van Eerten. Eén van de eerste dingen die zij doen is een bezoek brengen aan het bewuste huis in Kerkdriel, een bescheiden rijtjeshuis in een ietwat volkse buurt. Bescheiden alleen in omvang, want verder is er niets bescheiden aan. “Het is met afstand het mooiste huis van het hele rijtje,” herinnert Noordzij zich. “Een buitengewoon luxe huurwoning die zowel van binnen als van buiten voor enkele tonnen volledig is verbouwd en gepimpt. Luxe tuin, keuken en badkamer, alles erop en eraan. En alles op kosten van Ellen.” Volgens een verklaring die verdachte Anouk bij de politie aflegde moest de woning zo grondig worden opgeknapt omdat hij als modelwoning moest dienen voor zwaarlijvige mensen, waar zij zelf ook toe behoort. Ellen had daarvoor, opnieuw in opdracht van Anouk, een bedrijf opgericht en laten inschrijven bij de Kamer van Koophandel. In werkelijkheid werd er nooit enige omzet gedraaid. Wel werd maandelijks 3700 euro aan salaris naar Anouk overgeschreven, zonder dat daar enige aantoonbare arbeid tegenover stond.

“Verdachte Anouk zat sinds haar aanhouding in voorlopige hechtenis, maar haar 81-jarige moeder niet,” zegt Noordzij. “Die is al die tijd in dat huis blijven wonen en plukte dus nog elke dag de vruchten van al die luxe die zij over de rug van het slachtoffer had verkregen. Dat idee vond ik niet te verkroppen. Ik heb daarom direct beslag laten leggen op een hele lijst aan goederen. Zowel roerende als onroerende.”

Praktisch gezien zitten daar nog wel een paar haken en ogen aan. Een set tuinmeubilair, een bankstel en een televisie laten zich makkelijk in beslag nemen, maar hoe doe je dat met een keuken, een badkamer en een tuin? Of zoals Noordzij het noemt: ‘zaken die aard- en nagelvast aan een huurwoning vastzitten?’ De meest voor de hand liggende optie is om de boel er simpelweg uit te laten slopen, maar dat zou kapitaalvernietiging zijn. Kapitaal dat feitelijk toekomt aan het slachtoffer. De woningbouwstichting heeft laten weten dat naar aanleiding van de strafzaak de huurovereenkomst zal worden beëindigd. Noordzij hoopt dat het slachtoffer uit de waardevermeerdering deels schadeloos gesteld kan worden. Hij is hiervoor samen met Manon van Eerten in overleg met de woningbouwstichting.

Maarten Noordzij is aanwezig als roerende zaken zoals een bankstel, een tv en tuinmeubilair in beslag worden genomen.

Tot aan het kopje

Het feit dat officier Noordzij in zijn werk vaker met soortgelijke zaken te maken had, betekent overigens niet dat hij het dossier Patinir routineus tot zich nam. Integendeel. Wat de zaak vooral bijzonder maakt is de enorme hoeveelheid vaak zeer gedetailleerd bewijs waaruit een huiveringwekkend sadisme blijkt. “Je kunt dit dossier niet lezen zonder dat het de meest nare beelden bij je oproept,” zegt hij. “Kopspelden die ‘tot aan het kopje’ door het slachtoffer zelf in haar lichaam moesten worden geduwd. Geluidsopnames die door het slachtoffer heimelijk zijn gemaakt en waarop het tellen van een eindeloze reeks stokslagen te horen is. 178... 179... 180... Het prikken met een vleesvork en het gillen en huilen van Ellen daarbij. De toon waarop de verdachten tegen haar spraken. Dat alles bij elkaar, plus de uitgebreide verklaringen van het slachtoffer, maken dit een mensenhandelzaak van de buitencategorie. Het is afschuwelijk en ongehoord wat het slachtoffer is overkomen.”

De hoeveelheid bewijs die Noordzij in handen heeft is overweldigend. Zowel voor de geweldpleging, als voor het afdwingen van bepaalde diensten en de uitbuiting. Maar daarmee is hij er nog niet. “Voordat je iemand mensenhandel ten laste legt, moet je juridisch over een flinke hoeveelheid munitie beschikken. Je moet namelijk de causaliteit aantonen. Anders zou je bijvoorbeeld nog kunnen betogen dat Ellen bij Anouk en haar moeder mocht inwonen in ruil voor de diensten die zij leverde. Het koken, het schoonmaken. Als een soort tegenprestatie. Ook het hele financiële aspect maakt het op zich niet per se mensenhandel. Dat wordt het pas wanneer iemand aantoonbaar zijn of haar zelfbeschikkingsrecht is ontnomen. En dat moet dan ook nog van een bepaald gewicht zijn. Dat moet raken aan de lichamelijke en geestelijke integriteit van iemand. Doet het dat niet dan is er misschien eerder sprake van afpersing of dwang, wat tot heel andere straffen leidt en absoluut geen recht doet aan wat het slachtoffer is overkomen. Dat verschil zit hem echt in de aard en de duur ervan. En in de causaliteit. Mensenhandel is in de kern het toepassen van geweld of andere middelen van dwang om iemand in het gareel te krijgen, met als doel om hem of haar onvrijwillig bepaalde diensten te laten verlenen. Het toegepaste geweld moet in zekere zin dus functioneel zijn. Dat was het hier. Sterker, het ging verder dan dat. Veel van het toegepaste geweld kwam voort uit puur sadisme.”

De uitspraak

De zittingsdagen staan zoals verwacht bol van emotie. In de zaal zitten behalve het slachtoffer en de twee verdachten, ook de ouders en andere familieleden van Ellen met wie het contact na haar ziekenhuisopname gelukkig weer hersteld is. Behalve leden van de pers, zitten er in de zaal ook opvallend veel politiemensen en mensen van het parket Oost-Nederland. Ook op hen heeft het onderzoek diepe indruk gemaakt.

De 81-jarige moeder, die zich volgens het OM fysiek niet schuldig maakte aan de mishandelingen, maar het geweld wel faciliteerde en meermaals ook aanmoedigde, zegt van het gebeurde niets te hebben meegekregen. Het zou zich uitsluitend boven hebben afgespeeld, buiten haar zicht, beweert ze. Noordzij acht dat volstrekt ongeloofwaardig. “Ik durf wel te zeggen dat zij op zitting een spelletje speelde. Daar waren ook objectieve aanknopingspunten voor. Zo veinsde ze bijvoorbeeld hardhorendheid en een zekere mate van seniliteit. Dat is verder uit niets gebleken.”

Waar haar moeder volhoudt een jaar lang niets te hebben gehoord of gezien terwijl ze al die tijd in dezelfde woning verbleef, beweert Anouk zich niets meer van het gebeurde te kunnen herinneren. Wanneer er op zitting een uitgebreide geluidscompilatie wordt afgespeeld, zegt ze haar stem wel te herkennen, maar zich niet te kunnen voorstellen dat ze tot dergelijke uitspraken en handelingen in staat is. ‘Als ik dit allemaal zo hoor vind ik het heel erg voor Ellen,’ zegt ze zonder het slachtoffer ook maar een moment aan te kijken.

Op 14 april doet de rechtbank in Arnhem uitspraak. Anouk wordt schuldig bevonden aan zware mishandeling en aan mensenhandel in de vorm van slavernij en afgedwongen dienstverlening in de periode van 1 mei 2018 tot en met 5 oktober 2020. De rechtbank volgt de officier in het standpunt dat de uitbuiting al begonnen was voordat Ellen bij Anouk en haar moeder kwam inwonen. Anouk wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf jaar met oplegging van TBS en een Gedragsbeïnvloedende en Vrijheidsbeperkende Maatregel (GVM), wat inhoudt dat zij ook na het TBS-traject, mocht dat nodig worden geacht, onder intensief toezicht zal blijven staan en dat haar resocialisatie is gebonden aan voorwaarden. De gevangenisstraf valt een jaar lager uit dan de eis van officier Noordzij omdat de rechtbank Anouks verminderde toerekeningsvatbaarheid – ze leidt volgens deskundigen aan meerdere stoornissen waaronder pseudologica fantastica (pathologisch liegen) – zwaarder meeweegt dan het OM. Voor het medeplegen van mensenhandel krijgt ook haar moeder, naast een gevangenisstraf van twee jaar, de GVM opgelegd. Samen zullen de twee verdachten het slachtoffer een schadevergoeding moeten betalen van bijna 320.000 euro. De in beslag genomen goederen, roerend en onroerend, worden door de rechtbank verbeurd verklaard. Beide verdachten gaan tegen de uitspraak in hoger beroep.

Officier van justitie Noordzij toont zich tevreden met de afloop, al zit het hem nog altijd niet lekker dat de rechtbank zijn verzoek tot de onmiddellijke gevangenneming van de moeder afwees, waardoor zij ook na de uitspraak nog maandenlang kon genieten van de wederrechtelijk verkregen luxe in haar Kerkdrielse huurwoning. Ook hecht hij er waarde aan om nogmaals te benadrukken dat de sleutel tot het succes in deze zaak gezocht moet worden in de periode voordat hij bij de zaak betrokken was. Als het aan hem ligt worden er in de nabije toekomst veel meer zaken als mensenhandel gelabeld. “Elke veroordeling voor mensenhandel begint met het herkennen van de signalen, en dat is hier gebeurd. Daar ben ik echt heel blij mee, omdat wij al langer bezig zijn om die bewustwording te creëren. Bij politie en justitie, maar ook bij andere partijen. Die signalen worden nog te vaak over het hoofd gezien. Bij mensenhandel wordt al snel uitsluitend gedacht aan onvrijwillige prostitutie, maar alle arbeid of diensten kunnen eronder vallen. Dus ook zoals in dit geval huishoudelijke dienstverlening. En denk bijvoorbeeld ook aan jonge straatdealers, kwetsbare jongeren die pakketjes moeten stelen, of migranten die als knippers worden ingezet op grote hennepplantages of als koks in amfetaminelabs. In hoeverre doen zij dat werk vrijwillig? In hoeverre laten we gebeuren dat anderen misbruik maken van de kwetsbaren in onze samenleving?”

*De namen van het slachtoffer en de verdachte zijn om privacyredenen gefingeerd.